geen gerelateerde objecten/artikelen gevonden.

Korendrager

From VerhalenWiki

Jump to: navigation, search

Korendrager

Een korendrager op een gevelsteen
Het beroep van korendrager hield in het transport van graan en aanverwante zaken binnen de stad.

De functie van korendrager kon men alleen uitoefenen als men lid was van het gilde van de Korendragers en burger van de stad. De korendragers werden aangesteld door het stadsbestuur. Een korendrager moest wel een sterk gestel hebben, maar nergens blijkt dat het een overmatig zwaar beroep was. Men moet bedenken dat de lichamelijke gesteldheid van de mensen vroeger heel anders was dan nu. De veranderde in de loop der tijd door de verandering in de eetgewoonten en de komst van de aardappel, die het graan als hoofd voedingmiddel verdrong. Het gilde zorgde voor de eerlijke verdeling van het transport van verschillende granen en soms andere zaken over de leden van het gilde. Dat transport was een privilege dat slechts aan de officiële korendragers toekwam. Onder andere op de Koornmarkt kon men de korendrager aan het werk zien.

Steven Jacobsz die in de Achtersack woonde was zo’n Delftse korendrager, evenals zijn tijdgenoot Cornelis Pietersz Pool. Ook Mees Arentsen (ook wel Adriaens genoemd) was korendrager. Hij kwam als protestants vluchteling uit Brugge, na het einde van het protestantse bewind aldaar, naar Delft. Hij bezat een graf in de Nieuw Kerk in de Kooromloop. In dit graf is hij na zijn overlijden op 11 mei 1596 begraven, later zijn tot in de 18e eeuw nazaten van hem in begraven. De oorspronkelijke steen is bewaard gebleven, alhoewel hij niet meer op de oorspronkelijke plaats ligt, wat een gevolg is van de uitbreiding van de Koninklijke grafkelder. Zo’n graf was niet goedkoop en een armlastig persoon zal er zeker geen geld voor gehad hebben. Mees (Bartholomeus) is de stamvader van het later als Alkmaars de Lange's bekend staande geslacht. De genealogie van het geslacht is gepubliceerd in Nederland's Patriciaat (1918, 1955, 1980-1981 en 2009).

Dat het een overmatig zwaar beroep was, lijkt onwaarschijnlijk. Men moet bedenken dat de lichamelijke gesteldheid van de mensen vroeger heel anders was dan nu. Dat veranderde in de loop der tijd door de verandering in de eetgewoonten en de komst van de aardappel, die het graan als hoofd voedingmiddel verdrong.

Het gilde zorgde voor de eerlijke verdeling van het transport van verschillende granen en soms andere zaken over de leden van het gilde. Dat transport was een privilege dat slechts aan de officiële korendragers toekwam. Onder andere op de Koornmarkt kon men de korendrager aan het werk zien. Steven Jacobsz die in de Achtersack woonde was zo’n Delftse korendrager, evenals zijn tijdgenoot Cornelis Pietersz Pool. Ook Mees Arentsen (ook wel Adriaens genoemd)  was korendrager en woonde aan de Nieuw Langedijk te Delft. Hij kwam als protestants vluchteling uit Brugge, na het einde van het protestantse bewind aldaar, naar Delft. Hij bezat een graf in de Nieuw Kerk in de Kooromloop. In dit graf zijn tot in de 18e eeuw nazaten van hem begraven. De oorspronkelijke steen is bewaard gebleven, alhoewel hij niet meer op de oorspronkelijke plaats ligt, wat een gevolg is van de uitbreiding van de Koninklijke grafkelder. Zo’n graf was niet goedkoop en een armlastig persoon zal er zeker geen geld voor gehad hebben. Mees (Bartholomeus) is de stamvader van het later als Alkmaars de Lange's bekend staande geslacht. De genealogie van het geslacht is gepubliceerd in Nederland's Patriciaat (1918, 1955, 1980-1981 en 2009).

Herkomst en bestemming

De Koornmarkt heeft haar naam niet voor niets gekregen; het was het centrum van de Delftse graanhandel. Van korenschipper tot korenwanner en van pontgaarder tot korendrager, allen verdienden zij hier hun brood. Het graan, dat via de Oostzee de Lage Landen bereikte, was niet alleen bedoeld voor de broodbakkers, maar ook voor de vele bierbrouwerijen die de stad rijk was. Behalve het Oostzeegebied was ook Noord-Frankrijk een toeleverancier van graan.

Korenhandel

Hoewel aan de Koornmarkt de grootste graanmarkt gehouden werd waren er nog twee plaatsen in Delft waar de korenhandel plaatsvond. Dat was aan de Haverbrug en de Poelbrug. Op de graanmarkt bij de Haverbrug werd graan uit de eigen regio verhandeld. Op de hoek van de Oude Langendijk met de Koornmarkt stond het korenmetershuisje.

Korenmeter

Een korenmeter had als taak de hoogte van de impost te bepalen. Impost was een vorm van belasting op handelsgoederen als wijn, turf, graan enzovoort. Naargelang de hoeveelheid die van deze goederen werd verhandeld, diende accijns aan de stad te worden voldaan. De korenmeters waren dan ook door de stad aangesteld. Om de hoeveelheid graan te kunnen bepalen hadden de korenmeters een korenmaat tot hun beschikking.

Keuring

Het graan dat aan de Koornmarkt verhandeld werd, was geïmporteerd graan. Het werd met platte schuiten naar de stad gevaren. Om zes uur in de morgen werd begonnen met het keuren van de waar. Deze kwaliteitskeuring werd boring genoemd. Zodra een partij gekocht werd begaf de koper zich naar het korenmetershuisje om daar het bewijs te overleggen dat de partij was goedgekeurd. Tot in de achttiende eeuw bleef het korenmetershuisje in gebruik. Het werd uiteindelijk in 1928 gesloopt.

Recherche avancée   
Critère 1      --
                        et   ou   sauf
Critère 2      --
                        et   ou   sauf
Critère 3      --
                        et   ou   sauf
Critère 4      --
                        et   ou   sauf
> Classer les r�sultats par  
lancer
Deze website maakt gebruik van cookies. Informatie over cookies