geen gerelateerde objecten/artikelen gevonden.

Joden in Delft rond de Tweede Wereldoorlog

From VerhalenWiki

Jump to: navigation, search

Inleiding

Joden zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog een omstreden onderwerp. Zo ook in Delft. In Delft zijn veel Joden opgepakt en afgevoerd. De meesten hiervan hebben de Holocaust niet overleefd.

Joden in Delft vóór 1940

Voordat de oorlog uitbrak waren er 165 Joden in Delft waarvan 33 die wel in Delft verbleven, maar ergens anders stonden aangemeld. In de jaren dertig stelde Delft in joods-religieus opzicht niet veel voor. De autochtoon-Delftse Joden waren in godsdienstige zaken niet bijzonder geïnteresseerd: het aantal leden van de Joodse gemeente was sterk teruggelopen. Enige impulsen kwamen nog wel van de immigranten, vooral uit Duitsland.

Joden in Delft 1940-1945

De Jodenster die elke Jood moest dragen op zijn kleding.
Op 10 mei 1940 vond de Duitse aanval op Nederland plaats. In de vroege ochtend vielen de Duitse bommenwerpers strategische doelen in Nederland aan. De belangrijkste hiervan waren de vliegvelden, om de luchtmacht uit te schakelen. Voor Delft barstte de hel rond vier uur ’s morgens los, toen het nabijgelegen vliegveld Ypenburg werd aangevallen. Hier werd zodanig verzet geboden dat de Duitse luchtlanding op Ypenburg mislukte, al viel dit vliegveld later wel in Duitse handen. De capitulatie op 15 mei maakte in het hele land, ook in Delft, grote emoties los. In de meidagen van 1940 hebben nogal wat Joden geprobeerd Nederland te verlaten om per schip via Frankrijk naar Engeland of Zwitserland te vluchten. In de meeste gevallen zijn deze pogingen mislukt, maar er waren mensen uit Delft die ook later nog vluchtpogingen hebben ondernomen. Dit was echter tijdens de Duitse bezetting een bijzonder riskante onderneming. Het kostte in de meeste gevallen veel geld en het risico was groot om tijdens de tocht te worden verraden.

Ariërverklaring

In oktober 1940 moest door alle overheidsdienaren de 'ariërverklaring' worden ingevuld. Dit was een verklaring waarin iedere ambtenaar van zichzelf en van zijn echtgenoot of echtgenote moest opgeven of men Joods was, of niet. Bij deze verklaring werd uitgegaan van de volgende regels:

  • Volljude: iedereen met drie of vier joodse grootouders.
  • Mischlinge: iedereen met twee joodse grootouders, wanneer zij tot een joods kerkelijke gemeente behoorden of getrouwd waren met een Volljude.

Maar ook mensen die twee Joodse grootouders hadden en volgens deze definitie niet als vol-jood telden maar als ‘halfjood’ moesten zich melden, ook degene met één Joodse grootouder (kwartjoden) moesten zich uiteindelijk melden. In Delft gold de verplichting de Ariërverklaring in te vullen niet voor de gemeenteambtenaren, maar wel voor personeelsleden van de Technische Hogeschool.
In de derde week van november 1940 werden alle Joodse ambtenaren ontheven uit hun functie. Toen op 23 november bekend was geworden dat de Joodse docenten aan hogescholen werden ontslagen, kwamen de studenten in actie. Ze gingen bijvoorbeeld colleges volgen op zaterdag morgen. Vervolgens gingen de studenten de volgende week op maandag en dinsdag staken. Op woensdag 27 november sloten de Duitse autoriteiten de Hogeschool.

Islolement

Bordje waarop staat dat Joden hier niet in mogen‎.
Met de registratie van personen en hun bezit was de periode van de identificatie afgesloten: de tijd van de isolatie begon. De Duitse maatregelen tegen de Joden volgden elkaar in een hoog tempo op. De bewegingsvrijheid van de Joden werd op zowel fysiek als geestelijk gebied met elke maatregel kleiner. Per 1 februari 1941 mochten Joden geen niet-Joods personeel meer hebben in de huishouding. Rond april 1941 was het voor Joden niet langer toegestaan te beschikken over een radiotoestel. Deze apparaten moesten worden ingeleverd bij de autoriteiten. Vanaf juni mochten Joden zich niet meer in zee, strand- of zwembaden begeven. Vanaf de zomer van 1941 werd ook het persoonsbewijs geïntroduceerd: alle Joden moesten een ‘J’ in dit bewijs hebben staan. In december 1941 kende Delft in totaal 120 locaties waar de toegang voor Joden verboden was. Het ging hier om: cafés en restaurants, hotels, grotere pensions, bioscopen, gebouwen voor concerten, lezingen, cabarets, overdekte bad- en zweminrichtingen, musea, kerken, openbare bibliotheken, leeszalen en andere openbaren gebouwen.

Onderduiken

Het onderduiken begon in 1942. Toen werden de oproepen verstuurd om zich te melden voor deportatie. De Joden met een andere dan de Nederlandse nationaliteit werden het eerst opgeroepen, in de zomer van 1942. De Nederlandse Joden volgden later. Van de Delftse Joden is de meerderheid gedeporteerd en in de kampen omgekomen. Toch hebben zij zich niet zonder slag of stoot uitgeleverd aan de Duitsers, zoals te vaak wordt aangenomen. Een aanzienlijk aantal heeft pogingen ondernomen om te vluchten of onder te duiken. Helaas hebben lang niet al deze pogingen tot succes geleid. Sommigen hebben pogingen gedaan om Nederland te ontvluchten. Anderen hebben geprobeerd zich te redden door onderduikadressen te zoeken. Weer anderen hebben hun veiligheid geprobeerd te verzekeren door zich op een lijst te laten plaatsen die bescherming tegen deportatie leek te bieden. Veel vluchtpogingen zijn echter gestrand.
Dat lang niet alle Delftse Joden een onderduikadres hadden was niet alleen te wijten aan de moeilijkheid om aan een onderduikadres te komen, maar ook aan het feit dat niet iedereen wilde of durfde onder te duiken. Het is van belang om ons te realiseren dat op het moment dat de Joden werden opgehaald, bijna niemand zich van de toekomst een voorstelling maakte die overeenkwam met wat later de werkelijkheid bleek te zijn. Officieel heette de deportatie 'Arbeidsinzet'. Velen dachten: hard werken, moeilijke omstandigheden, maar samen komen we er wel doorheen. Iemand die zou worden opgepakt vanaf een onderduikadres was er zeker van dat er nog maar weinig kans was op een goede afloop. Dat was inmiddels bekend, door de overlijdensberichten die in de voorafgaande maanden waren gekomen.
Achteraf gezien was 1942 voor de Joden in Delft cruciaal. Het was het jaar waarin zij de beslissing moesten nemen om wel of niet onder te duiken. Onderduiken was niet eenvoudig, want daarvoor waren relaties en geld meestal onmisbaar. Je moest voor een onderduikadres mensen kennen die het aandurfden om voor een onbepaalde tijd iemand in huis te nemen, met alle risico’s van dien. Dit had niet altijd te maken met geld. In sommige gevallen wilden de mensen, die gelegenheid gaven om iemand te laten onderduiken, daar geen geld voor hebben, al was dat lang niet altijd het geval. Een onderduikadres vergde in sommige gevallen aanzienlijke financiële middelen, en niet iedereen kon die opbrengen.

Hulp aan joden

Rond 1942 begonnen in het Westland, onder leiding van ‘oom Piet’ uit Naaldwijk, activiteiten om Joden aan een onderduikadres te helpen. Deze Westlandse groep omvatte vijftien mannen, allen gereformeerd. Hoeveel onderduikers en onderduikadressen er precies in Delft zijn geweest, is met geen mogelijkheid te zeggen. Gesproken wordt over 1500 á 2000 onderduikers waarvan het grootste deel niet-joods.

Joden in Delft na 1945

Mei 1945 was Nederland bevrijd. Er werd feest gevierd. Maar wat was er gebeurd met de gedeporteerde en de ondergedoken Joden? Al waren er vermoedens, zekerheid daarover kwam pas later, toen de lijsten met omgekomenen door het Rode Kruis openbaar werden gemaakt. Deze lijsten met omgekomenen waren gebaseerd op de administratie die de Duitsers in de kampen heel precies hadden bijgehouden. Het duurde nog even voordat de overlevenden uit de kampen terug waren.

Om de situatie in Delft gedurende de oorlog te kunnen vergelijken met die in de rest van Nederlad, is gezocht naar drie gegevens: het aantal gedeporteerden in verhouding tot het aantal Joden in Delft, het aantal naoorlogse overlevenden en het antwoord op de vraag in hoeverre het lidmaatschap van de Joodse gemeente invloed had op de deportatie en overlevingskansen.
Bevel voor arbeidsinzet in Duitsland.

Om het deportatie-cijfer van Delft te bepalen moet worden vastgesteld hoeveel mensen er daadwerkelijk zijn gedeporteerd. Van de 165 Joden uit Delft, werden er 104 gedeporteerd. Het deportatie-cijfer bedraagt dus 63%.
De volgende vraag is, hoeveel Joodse Delftenaren de oorlog overleefd hebben. Overleving was mogelijk door verschillende oorzaken, die zich apart of in combinatie voordeden. Deze konden zijn: zich niet melden, onderduiken, gemengd trouwen of deportatie overleven. Van de 165 Joden uit Delft zijn 96 mensen omgekomen als gevolg van deportatie, dat is 58%. Van 68 mensen weten we zeker dat zij de oorlog overleefd hebben. Uit de kampen keerde bijna niemand terug in Delft. De Delftse Joden die vanuit Kamp Westerbork werden gedeporteerd, kwamen bijna zonder uitzondering terecht in Sobibór. Sobibór was uitsluitend een vernietigingskamp, waarvandaan nog minder mensen terugkeerden dan uit Auschwitz.
Vergeleken met de situatie over heel Nederland waar slechts 25% van de Joodse bevolking overleefde, liggen de cijfers voor Delft iets gunstiger: van de totale Joodse bevolking van Delft overleefde 42%.
Op de ledenlijst van de Joodse gemeente uit 1940 stonden 75 mensen. Hiervan overleefden er 30. Het maakte voor de overlevingskans blijkbaar weinig uit of iemand lid was van een Joodse gemeenschap of niet.
Er wordt gesteld dat onderduikers en gemengde huwelijken voor een grotere overlevingskans zorgden. Binnen een groep van 68 overlevenden bevonden zich 19 gemengde huwelijken en tenminste 32 onderduikers. Slechts enkelen keerden terug uit de kampen. Medewerkers van de Joodse Raad hebben ook een tijdlang bescherming genoten tegen deportatie, deze bescherming stopte echter in 1943.
De cijfers voor Delft zijn gunstiger dan die voor heel Nederland. Welke specifieke omstandigheden in Delft kunnen hierop van invloed zijn geweest? Het relatief late tijdstip waarop de Delftse Joden werden opgeroepen voor het onderduiken, maart 1943, lijkt gunstig.

Literatuur en bronnen

  • Oorlog en verzet in de prinsenstad (boek),
  • Joden in Delft (boek),
  • de hyperlinks die je doorverwijzen naar 'Wikipedia'.

Recherche avancée   
Critère 1      --
                        et   ou   sauf
Critère 2      --
                        et   ou   sauf
Critère 3      --
                        et   ou   sauf
Critère 4      --
                        et   ou   sauf
> Classer les r�sultats par  
lancer
Deze website maakt gebruik van cookies. Informatie over cookies